Kerk en Multicultureel Samenleven: geroepen tot religieus - profetisch engagement

Inleiding

Het is van in den beginne de bedoeling geweest van de initiatiefnemers van KMS om te weren aan een antwoord van de kerk in Vlaanderen op de maatschappelijke realiteiten van etnisch-culturele diversiteit, racistische discriminaties, de nood aan interlevensbeschouwelijke relatieopbouw en op de rechts - en levenssituatie van asielzoekers en nieuwe immigranten. 

In het onderzoek dat ooit de stichting van KMS voorafging werden niet alleen aanbevelingen gedaan in die zin, maar werden ook argumenten aangebracht om de kerkgemeenschappen met hun breed vertakte en diepgewortelde netwerken een uitdrukkelijke rol te laten spelen in de uitbouw van een intercultureel en interlevensbeschouwelijk Vlaanderen.   
Op het Tweede Vaticaans concilie, met name in de constitutie Gaudium et Spes (Vreugde en Hoop, 1965) heeft de katholieke kerk zich georiënteerd op de sociale gerechtigheid vanuit een personalistisch humanisme, met een sterke theologisch-profetische basis.
In Gaudium et Spes is de mens een imago dei of beeld van God,  de mensheid is ‘familie van God' en de kerk behoort ‘zout der aarde' te zijn. Dit profetisch humanisme impliceert dat de katholieke kerk een strategie ontwikkelt om met een religieus-profetisch geweten met de sociale kwesties in de samenleving om te gaan.  
Het sociaal engagement of de diaconie wordt concreet gemaakt door kerkelijke verklaringen over bepaalde maatschappelijke thema's, door het werken aan mentaliteitsverandering bij de gelovigen en in de ruimere samenleving. Daar waar het nodig blijkt en waar de overheden tekortschieten worden initiatieven genomen van concrete hulpverlening, sensibiliserings- en solidariteitswerk.
Het ontstaan en de werking van Kerkwerk Multicultureel Samenleven (KMS) mag gesitueerd worden in het licht van deze ontwikkeling van het sociaal engagement van de katholieke kerk. 
Op de golven van deze ontwikkeling heeft het IPB in 1991 in het kader van één van haar zittingen de Belgische Bisschoppen geadviseerd om KMS als een nieuwe kerkelijke solidariteitsactie in het leven te roepen en bestaansrecht te geven.
Ondertussen gebeurde al heel wat aan de basis, en daarop zou KMS van bij de aanvang zoeken in te spelen. In het kader van het immigratiebeleid in de jaren 50 en 60 van de vorige eeuw, werden in grote stedelijke agglomeraties en in Limburg allerhande initiatieven opgezet door christenen om de immigranten te onthalen (door het aanbieden van onderdak, lessen Nederlands, sociaal-administratieve ondersteuning, maatschappelijke oriëntatie, jeugdwerking ...).
Later zijn de hierboven genoemde initiatieven vaak uitgegroeid tot verenigingen zonder winstoogmerk en vormden zij de basis van wat nu de gesubsidieerde centra zijn voor lokaal-, stedelijk, regionaal en provinciaal minderhedenwerk.
Het onthaal en de dienstbaarheid beperkten zich niet tot de katholieke migranten. Er was ook een zichtbaar engagement naar arbeidsmigranten en families van islamitische geloofsovertuiging. Al in de beginperiode van de komst van moslimmigranten was er aandacht voor de uitbouw van islamitische gebedsplaatsen, informatiesessies rond de inhoud van de islam, aandacht voor de feestcultuur,... .
De bisschoppen van de Vlaamse diocesen hebben deze realiteit onder ogen gezien en gaven daarom kansen aan deze initiatieven. De keuze om KMS op te richten en er ook een regionale vertakking aan te geven is ingegeven door het verlangen om ondersteuning te bieden aan allen die er vrijwillig of professioneel - binnen en buiten kerkverband - actief zijn op dit gebied. 
Het was niet alleen de Katholieke Kerk die aan de diaconale opdracht naar migranten een volwaardige plaats gaf in het kerkenwerk. Ook de protestantse Kerken deden dat. Van bij aanvang was deze verwantschap te merken in de regionale en landelijke werking van KMS. Leden van de Verenigde Protestantse Kerk in België namen deel aan werkvergaderingen ter voorbereiding en uitvoering van KMS initiatieven. Het is belangrijk deze oecumenische relatie mee te nemen in de context van deze nota.

Een brede missie met een diaconale onderstroom

1. KMS formuleert vandaag haar missie als volgt:

Kerkwerk Multicultureel Samenleven, is een open solidariteitsbeweging voor kerk en samenleving, die met de methodieken van het sociaal-cultureel werk,
in een geest van gelijkwaardigheid zonder racisme en in respect voor de mensenrechten,
de interculturele samenlevingsopbouw wil bevorderen, door een intercreatieve relatieopbouw
met de verschillende cultuurgroepen, religies en levensbeschouwingen, in Vlaanderen en Brussel.

2. Deze missie vindt haar draagvlak in het maatschappelijk doel zoals opgenomen in de statuten van de vereniging:

3. KMS kiest er voor om als beweging voor interculturele samenlevingsopbouw van de Vlaamse kerkgemeenschap een maatschappelijke verantwoordelijkheid op te nemen in vraagstukken en thema's als:

- interculturele ontmoeting en uitwisseling
- bestrijden van racisme en xenofobie
- relatie tussen christenen en moslims; en verder met andere religieuze en levensbeschouwelijke groepen
- de opvang en begeleiding van asielzoekers, vluchtelingen en mensen zonder papieren
- het migratie- en minderhedenbeleid

4. KMS neemt deze verantwoordelijkheid op door de methodieken van het sociaal-cultureel werk en het maatschappelijk opbouwwerk te hanteren.

KMS geeft er prioriteit aan om mensen in beweging te zetten om zelf verantwoordelijkheid op te nemen in de interculturele samenlevingsopbouw. Voor degenen die dat al doen wil KMS een ondersteuning en verdieping van dat engagement bieden.

Er mogen van KMS ook standpunten verwacht worden. Ze worden geformuleerd na interne reflectie. Voor een aantal thema's worden externe deskundigen aangetrokken.

5. Wat KMS aanbiedt moet toegankelijk zijn voor een brede populatie. KMS wenst daarbij haar christelijk verhaal en identiteit mee in te zetten in de mobilisatie voor een humanisering van de samenleving, de zorg voor de schepping, voor vrede en gerechtigheid.

6. Maatschappelijke en institutionele structuren bepalen mee de mogelijkheden om mens te worden. De verbanden waarbinnen we ons leven uitbouwen, beïnvloeden ons en andermans leven. Soms ten kwade, soms ten goede. Structuren kunnen zich bezondigen aan het integreren van mechanismen van discriminatie en ongelijke behandeling. Structuren kunnen ook zorgen voor een goede rechtsbedeling, voor gelijke kansen, voor respect en menselijke waardigheid.

Het is niet voldoende om mensen te mobiliseren en te stimuleren. Structuren bestaan immers niet alleen objectief buiten ons. KMS neemt daarom consequent ook haar politieke verantwoordelijkheid op om, waar dat nodig is, structuren te bevrijden van de mechanismen die het zinvol leven van mensen onmogelijk maken.  KMS doet in dat kader educatieve inspanningen om mensen te sensibiliseren en hen in hun relatieopbouw met personen van verschillende herkomst te stimuleren. Maar tegelijk neemt KMS - met anderen in het maatschappelijk middenveld en met een netwerk van actieve burgers - resultaatgerichte initiatieven om maatschappelijke structuren te bewegen tot meer humaniteit.

7. KMS acht het betekenisvol en noodzakelijk te investeren in diaconale kerkopbouw in intercultureel perspectief. Wij willen immers stimuleren dat er in de kerkopbouw aandacht wordt gegeven aan de multiculturele realiteit die zich aandient.

Daar zijn verschillende drijfveren voor:

a. Bijbelse inspiratie is een sterke hefboom en bron om onrecht op het spoor te komen en vernieuwd te handelen, zowel persoonlijk als maatschappelijk. Bijbelse verhalen wijzen er ons op dat mensen aan mekaar zijn toevertrouwd als bondgenoten en lotgenoten. De bijbel leert ons anders kijken en voelen. De bijbel weeft ons op een andere manier in het sociale weefsel. De bijbel spoort ons aan om te werken aan een constructieve en actieve eenheid in verscheidenheid.

b. Lokale kerkgemeenschappen hebben een taak in het bevorderen van een vredevol en rechtvaardig gemeenschapsleven in hun omgeving. Het zijn territoriale oefenplaatsen om de bijbelse en de blijde boodschap van gastvrijheid, opvang en onthaal van ‘de vreemdeling' te realiseren. Het zijn leerhuizen waar mensen mekaar kunnen helpen omgaan met de diversiteit aan ‘naasten'. Meer nog: lokale gemeenschappen die reeds in die zin aan het werk zijn ondervinden dat deze praktijk hun kerkzijn een nieuwe dynamiek heeft gegeven. Zij verdienen alle steun. Sterke lokale kerkgemeenschappen zijn een sleutel tot effectieve diaconie.

c. De kerk mag vandaag onderwerp zijn van discussie en kritische reflectie. Zij heeft in verhouding met de staatsstructuren een geëigende kritische en onafhankelijke rol te spelen. Zij moet spreken als wetten de menswaardigheid bedreigen. Zij moet een concreet engagement opnemen naar mensen die in nood zijn. Zij heeft dus een heilige plicht niet te berusten in de schijnbare onveranderlijkheid van structuren.

KMS ziet het als haar opdracht deze drijfveren samen te brengen in het project van diaconale kerkopbouw in intercultureel perspectief. Dat wil zeggen dat KMS als kerkelijke solidariteitsactie bijdraagt tot het lezen van de bijbel en tot het inspireren van lokale kerkgemeenschappen. KMS wil het kerk-zijn vanuit de interculturele en - religieuze context waarin we leven mee ontwikkelen. KMS wil daarbij rekening houden met de realiteit van het huidige migratie- en minderhedenbeleid van de overheid en stem geven aan wie daardoor kansen krijgt of in de verdrukking komt.

Concreet, consequent en collegiaal

1. Dit engagement naar de diaconale onderstroom wordt door KMS tastbaar gemaakt door concrete projecten.

In het algemene aanbod van de beweging worden activiteiten opgezet die specifiek gericht zijn op de christelijke gelovigen en geloofsgemeenschappen.
Wij denken hierbij aan de Actie Regenboogkerk, de S/preekwijzer in intercultureel perspectief en de nu in ontwikkeling zijnde ‘Kruisweg van de immigrant',...

In het algemene aanbod zijn er initiatieven die de kerkopbouw in intercultureel perspectief willen versterken en vorming aanbieden aan de kaders.
Zoals bijvoorbeeld een training voor pastorale actoren in een interculturele context...

Er is een specifiek aanbod m.b.t. de interculturalisering van kerkelijke solidariteitsacties, christelijke organisaties en instellingen. Dit aanbod helpt deze verenigingen in hun volledig organisatiebeleid (personeel, inhoudelijke projecten, vrijwilligerswerk, publicaties,...) aandacht te hebben voor de etnisch-culturele diversiteit van de samenleving.
Zoals bijv. de interlevensbeschouwelijke kalender ‘Feesten met de buren' die al aan zijn 11de editie toe is, de cartoontentoonstelling ‘Typisch Vlaams' (die ook op deze studiedag te bekijken is),... of een nieuwe cd met levensbeschouwelijke klanken die hier in België te horen zijn en die in het najaar 2010 zal gelanceerd worden.

Ook de cursus ‘omgaan met racisme' behoort tot het vaste aanbod van KMS... De begeleiding van de opmaak van de diversiteitsplannen van Broederlijk Delen, Welzijnsschakels en Welzijnszorg en het project ‘Meer leerkrachten uit alle culturen' in het Katholiek Onderwijs zijn daar voorbeelden van.

Daarnaast is KMS ook actief in het interlevensbeschouwelijk werken. Niet alleen door de wenskaart voor het einde van de ramadan, maar ook door vele vormings- en ontmoetingsinitiatieven met mensen van verschillende religie en levensbeschouwing. In de toekomst wil KMS dit aspect nog sterker uitbouwen.

Tenslotte en niet in het minst is KMS ook actief in het domein van het asiel-, migratie- en minderhedenbeleid. Het oecumenisch netwerk ‘Kerkasiel.anders' ondersteunt mensen die lokaal actief zijn met mensen zonder papieren, nieuwe immigranten en vluchtelingen, maar is ook een netwerk dat zijn politieke verantwoordelijkheid opneemt.

2. Deze werkwijze houdt ook een aantal wederzijdse consequenties in in de verhouding tussen de kerkgemeenschap en KMS.

2.1. Gezien de beslissing van de Belgische Bisschoppenconferentie om Kerkwerk Multicultureel Samenleven te beschouwen als kerkelijke solidariteitsactie; en aangezien KMS actief is in de Vlaamse bisdommen en de vicariaten Brussel en Vlaams-Brabant, is er een structureel overleg met de bisschop-referendaris enerzijds, en met de bisschoppen - referendaris voor het Netwerk Rechtvaardigheid en Vrede en voor de relaties met andere godsdiensten en levensbeschouwingen anderzijds.

2.2. In afgeleide van bovenstaande positie van KMS in de Belgische kerk wordt voor het nationaal secretariaat en in de Nederlandstalige diocesen en vicariaten Vlaams-Brabant en Brussel voorzien in het aanstellen/benoemen van respectievelijk: een nationaal secretaris en diocesane of vicariale verantwoordelijken voor de zes regionale werkingen van Kerkwerk Multicultureel Samenleven.

2.3. De eindverantwoordelijkheid voor de regionale werkingen van Kerkwerk Multicultureel Samenleven ligt bij de diocesen en vicariaten. De wijze waarop deze verantwoordelijken worden aangesteld, de voorwaarden en de praktische aangelegenheden worden op het passende niveau bepaald.

2.4. Het nationaal secretariaat van KMS wordt betrokken in de samenstelling van een profiel en de werkafspraken voor de regionale verantwoordelijken. Het nationaal secretariaat zorgt voor de ondersteuning van de regionale verantwoordelijken.

2.5. KMS kan in het kader van het samenstellen van een jaarplan of een meerjarenplan een plaats voorzien voor adviesvragen en opdrachten vanuit de Vlaamse kerkgemeenschap. In de planningsprocedure wordt daar aandacht aan geschonken.

2.6. Inzake de financiële en/of materiële noden voor het goede functioneren van de nationale werking en de werking in het diocees/vicariaat worden op het passende niveau de nodige afspraken gemaakt. De vzw Kerkwerk Multicultureel Samenleven heeft een eigen verantwoordelijkheid voor het financiële bestuur van de vereniging en overlegt met de bisschop-referendaris de deelverantwoordelijkheid die daaromtrent wordt opgenomen door de Belgische Bisschoppenconferentie.

3. Collegiale samenwerking in de diocesen en vicariaten, met kerkelijke solidariteitsacties en andere partners.

3.1. Op het niveau van de diocesen en vicariaten worden de regionale medewerk(st)er en de werkgroepen van KMS bij voorkeur beschouwd als een geïntegreerde partner van de diaconale werking of van de algemene pastorale werking.

3.2. De secretariaten van de regionale KMS werkingen situeren zich bij voorkeur in de nabijheid van andere gelijkaardige diensten. De KMS medewerk(st)ers zijn bij voorkeur betrokken in de diocesane/vicariale overleg- en samenwerkingsverbanden

3.3. Op landelijk niveau wordt de samenwerking met andere solidariteitsacties georganiseerd in het kader van het samenwerkingsverband ‘Netwerk Rechtvaardigheid en Vrede'. KMS is lid van dit samenwerkingsverband. Met elke solidariteitsactie kan een aparte samenwerkingsovereenkomst worden afgesloten in functie van een concreet project of het lidmaatschap van KMS aan de bestuursorganen. KMS engageert zich om mee te denken met andere solidariteitsacties m.b.t. algemene diaconie, armoedebestrijding, duurzame ontwikkeling,...voor zover ze daar een bijdrage kan toe leveren.

3.4. Samenwerkingsverbanden met andere partners in de kerkgemeenschap, in de samenleving (in Vlaanderen, Brussel, Wallonië, Europa en andere continenten) worden ad hoc afgesproken. Dat geldt in het bijzonder voor Pro Migrantibus, de VPKB (Verenigde Protestantse Kerk in België) waarmee reeds een langere traditie van samenwerking bestaat. Dit geldt ook voor verenigingen die opgezet zijn vanuit andere religies of levensbeschouwingen.

3.5. In het kader van een intercultureel diversiteitsbeleid waakt KMS erover dat de participatie van en interactie met personen van verschillende herkomst gaat behoren tot de gewone werkingscultuur van organisaties, verenigingen en de kerkgemeenschap.

De toekomst 

Voor de toekomst is het wenselijk dat de kerkgemeenschap nog sterker en vooral professioneler en structureler dan vandaag omgaat met deze thematiek.

Onze samenlevingen worden met de dag meer divers naar cultuur en levensbeschouwing. Met de dag vallen er meer slachtoffers in de migratiebewegingen en de hardvochtigheid van lokale bevolkingen kan soms overslaan in kwetsend en dodend racisme.

Het is daarom wenselijk dat we de pastorale werking rond deze thematiek niet teveel laten afhangen van toevalligheden, maar effectief de keuze maken om de thema's die we nu al opnemen in onze werking ook tot vaste waarde in het pastorale beleid opnemen.

Daarom is het nodig dat we op korte termijn voor volgende vragen een antwoord uitwerken:

1/ Hoe kunnen we ervoor zorgen dat de aanstelling van noodzakelijke landelijke en regionale medewerk(st)ers voor deze diaconale pastoraal niet enkel afhankelijk blijft van de beperkte benoemingsmogelijkheden binnen het ambtelijke kader?

2/ Hoe kunnen we ervoor zorgen dat er voor deze pastorale werking in Wallonië een gelijk(w)aardige gespreks- en samenwerkingspartner wordt ontwikkeld? En...op welke wijze zien wij de verdere ontwikkeling van deze ondersteuningsstructuren? Zou het niet wenselijker zijn ze in drievoud te ontwikkelen: één per gewest bijv.?

3/ Hoe kunnen we een sterkere synergie ontwikkelen tussen deze pastorale werking en de katholieke gemeenschappen van buitenlandse herkomst?

4/ Op welke wijze kunnen onze kerkelijke audio-visuele media sterker aandacht besteden aan deze thematieken?

5/ Is het een goed idee om juist 13 jaar na de laatste brief van de bisschoppen over deze thematieken, de start te nemen met de samenstelling van een nieuwe brief, met een nieuwe analyse en met een vernieuwde oproep in het perspectief van het Belgisch voorzitterschap van de EU-raad van 2010?

 

Tekst Didier Vanderslycke / november 2008 / Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien.

 

Voor een aantal onderdelen van deze nota werd dankbaar gebruik gemaakt van de inhoud van volgende documenten en publicaties:

(1) Barmhartigheid en Gerechtigheid, Handboek Diaconiewetenschap, Kok-Kampen, 2004
(2) Erga Migrantes Caritas Christi, Rome, mei 2004, Pauselijke raad
(3) Theologie van de diaconie, Ignace D'Herdt, in Daco Januari 2003
(4) KMS Beleidsplan 2005 - 2009
(5) Migranten en vluchtelingen in ons midden, Belgische Bisschoppen, november 1995
(6) Kerkwerk Multicultureel Samenleven: geroepen tot religieus - profetisch engagement. 11/2005