Inleiding Johan Govaerts

Forum 4 oktober 2008 – Opvoedingsondersteuning vanuit de parochie – Johan Govaerts, CCV Antwerpen       

Opvoedingsondersteuning vanuit de parochiecatechese is een specifieke invalshoek.

Een verhaal uit ‘Rondom Gezin’

Vrijdagavond, op Maartens bedrand. Het verhaaltje was verteld, het avondgebedje gebeden en ik stond al op om van een uurtje rust beneden te gaan genieten. “Mama, waar is God?” O nee, en dat op een vrijdagavond.

 
Wat plichtsmatig antwoordde ik glimlachend: “God is overal.” en ik wilde de deur achter me dichttrekken. Natuurlijk nam de jongen met dat antwoord geen genoegen. Hij schaterde het uit. Ik kreeg het gevoel dat ik iets heel stoms gezegd had. Ik had net zo goed kunnen zeggen dat God op een dak van een zweethut in de Himalaya woonde. Dus moest ik wel even uitleggen hoe ik dat bedoeld had. “God heeft alles gemaakt, dus is het ook normaal dat je God in alles kunt zien, in mensen, in bloemen.” “Ook in triestige dingen? Heeft God die ook gemaakt?” Ik antwoordde eerlijk: “Ja, dat begrijp ik zelf ook niet zo, maar ik voel wel dat hij me troost als ik triestig ben. Dus is hij in die troost, en eigenlijk ook in het verdriet.” Dit werd net iets te abstract. Maarten keek rond in zijn kamer. Zijn gezicht klaarde op in een brede grijns. “Is God in mijn knuffeldekentje?” Wat aarzelend zei ik van ja. “En in mijn lievelingsridder?” “Ja, dat denk ik wel, als die ridder jou blij maakt.” En met nieuwe bewondering keek hij naar zijn tot de tanden gewapende ridder. Ik begon juist te denken dat we ons op theologisch drijfzand bevonden toen hij uitriep: “En natuurlijk is God in de deur.” Dit ging echt te ver. “Maarten, God leeft. Een deur leeft niet.” Hij keek me verwonderend aan. “Maar jij en papa komen ’s morgens door die deur en jullie maken blij, dus is God in de deur.” Ik zweeg en dacht aan een hele oude bijbeltekst ‘Ik ben de deur’. Maarten had van die tekst voor mij een nieuwe ervaring gemaakt.

Het is een zeer mooi verhaal omdat het heel wat elementen die in een gezin kunnen gebeuren, blootlegt. Misschien komt zulk theologisch gesprek tussen een ouder en een kind meestal niet voor maar zulke vragen en interessepunten zijn er toch altijd. In elk moment van opvoeding en contact met een kind waar zinvragen worden gesteld, komen een aantal zaken aan de orde.
Er is altijd een vorm van verbijstering. Een ouder wil de vraag ernstig nemen. Er is altijd wat twijfel. Een ouder zoekt naar opvoeding. Men wil zichzelf verantwoorden, zoeken naar verstaanbare woorden. Toegeven dat men niet alle antwoorden kent. Getuigen vanuit eigen aanvoelen. Ook het besef dat men ‘te ver’ gaat is belangrijk. Doorredeneren: door mee te gaan in het filosoferen ontdekt men ook voor zichzelf een andere kijk op de symboliek. Zwijgende, positieve verstomming. Reflecteren vanuit het eigen, persoonlijk zoeken. Enkelen zullen aan een bijbeltekst denken, maar niet iedereen.

Vanuit situaties zoals het verhaal van Maarten komt de laatste jaren de vraag van gelovige opvoedingsondersteuning vanuit de parochiecatechese. Hoe kan men een ondersteuning bieden opdat ouders zekerder, weerbaarder worden om met zulke situaties om te gaan?
Enkele punten:
Ten eerste: Men kan niet invullen wat Maartens mama zal steunen, dat zal zijzelf zoeken. Het zal een weg zijn die zijzelf vindt via lectuur, uitwisseling, internet enz. Zij zal zelf daarop dieper willen ingaan. Dit kan men niet plannen. Men kan hooguit voor de omkadering zorgen. Zij gaat zelf op zoek naar een antwoord. Het aanbod omkadert slechts.
Ten tweede: Maartens mama wil op een goede manier antwoorden en op een goede manier met haar kind omgaan. Hier is didactische ondersteuning op zijn plaats. Goed kunnen reageren is één zaak. Het andere luik is vanuit welke achtergrond. Maartens mama dacht aan een oude bijbeltekst. Men zou kunnen zeggen dat haar eigen spiritualiteit mee in het geding is. Hoe kan men haar eigen zingevingshorizon verbreden?
Ten derde: Men spreekt nooit over één type van mama of ouder. De catechisten moeten beseffen dat er een enorme verscheidenheid is. Daarom is het niet onverstandig om te denken aan een gevarieerd aanbod. En zo mogelijk ook een intergenerationeel model.

Aanbod uitklaren

De Belgische bisschoppen hebben in hun boekjes rond volwassenencatechese heel duidelijk een onderscheid gemaakt tussen enerzijds eerste verkondiging en anderzijds catechese. Het is een subtiel, maar erg belangrijk onderscheid. Bv. bij het organiseren van een ouderavond is men niet met catechese bezig, zelfs niet met volwassenencatechese, maar gaat het vooral om interesse te wekken voor geloven. Het is meer een smaakmakend aanbod, over zingeving die de humus vormt om tot geloven te komen. Een lage drempel staat hier voorop. Geloof zal hier als ontwerp worden aangeboden, als mogelijkheid. Een keuze die nog niet de hunne is maar die het nog kan worden. Het is de eerste verkondiging. Aan de andere kant is er een geloofsverdiepend aanbod, waar bijbel en leven met elkaar in verband gebracht worden. Er wordt een bewuste keuze gemaakt, waar intrinsiek vanuit de gelovige identiteit wordt geleefd. Hier spreekt men wel van catechese.
Het onderscheid tussen eerste verkondiging en catechese vraagt een gedifferentieerde aanpak.

Context uitklaren

De context waarbinnen men gezinnen ontmoet is zeer belangrijk. Op een ouderavond gezinnen ontmoeten is een totaal andere context dan gezinnen zondags tijdens een gezinsviering in de kerk onthalen.
Er is de context waar de gelovige opvoeding van kinderen centraal staat. Er is ook de context van volwassenencatechese, waar het gaat over de persoon van de volwassene zelf. Bij Maartens mama en haar spiritualiteit en haar eigen zingevingshorizon gaat het niet over het opvoedingsaspect, maar over wie zij zelf is als persoon en hoe zij kan groeien als volwassen gelovige. Een derde context is medewerker in de catechese. Volwassenen die zich voor een korte of langere periode engageren voor parochiecatechese groeien ook hier als gelovige.

Voorbeelden binnen de luiken ‘smaakgevend’ (eerste verkondigend) aanbod of ‘geloofsverdiepend (catechetisch) aanbod en de drie verschillende contexten.

Vb. van geloofsverdiepend aanbod in de context van geloofsopvoeding, van hoe men zou kunnen reageren als opvoeder is, ‘stilstaan bij waarom-vragen’. Het is een model van ouderavond. Goede boekjes hiervoor zijn: o.a. ‘Waarom’ van Kolet Janssen en ‘Waar is God?’. Men werkt met kaarten waarop vragen staan bv. Heeft Jezus echt bestaan? Het is de bedoeling dat mensen een kaart trekken en even nadenken over het antwoord dat ze zouden geven. Daarna gaat men in het boek kijken welk antwoord Kolet Janssen geeft. Heel verrassend is dat mensen soms nieuwe boeiende elementen aandragen.
Vb. van het smaakgevend aanbod in de context als persoon (volwassenencatechese) is een diamontage ‘In de stroming van het leven’ die de band wil leggen tussen zingevingsvragen die volwassenen stellen en het aanbod van een joods-christelijke traditie. Een ander vb. is op ouderavonden meefilosoferen met volwasssenen.
Vb. van geloofsverdiepend aanbod in de medewerkingscontext is ‘Coaching in kwadraat‘  Op enkele plaatsen wordt het moeilijk om nog voldoende vormselcatechisten te vinden. Men schakelt dan gelegenheidscatechisten in. Soms zijn enkele ouders bereid om (voor een jaar) mee te werken aan de vormselvoorbereiding. Deze ouders moeten goed gecoached, goed begeleid worden. Men heeft vastgesteld dat de mensen die meewerken zelf zeggen dat dit voor hen een aantal geloofsvragen oproept en dat zij ook bij hun eigen geloof moeten stilstaan. Voorstel was om de hele catechetische didactiek en de voorbereiding voor hen op mail te zetten. Zodat zij, als ze samenkomen rond hun eigen geloofsvragen, met elkaar in gesprek kunnen gaan. Zo kan coaching van ouders tot een kwadraat leiden.