Toepassingsdomeinen

Keizer hesp en koning auto

Luc Vankrunkelsven

We kregen zojuist een interessante uiteenzetting over ecospiritualiteit. Mijn opdracht is om zo concreet mogelijk deze ecospiritualiteit te verankeren. Ik denk inderdaad dat spiritualiteit niet op de eerste plaats met verheven denkbeelden te maken heeft, maar met ‘in eerbied omgaan met de materie, met de dingen, met het leven’.
Ik wil me beperken tot de twee topsymbolen van onze westerse samenleving: de hoge vleesconsumptie en de privé-auto. Topsymbolen, die we nota bene wereldwijd uitdragen. Met alle gevolgen van dien en met de grenzen waar we nu duidelijk op stuiten.
Even vragen aan de zaal: wie is hier vandaag met het openbaar vervoer naar het Theologisch en Pastoraal Centrum gekomen? En…, wie denkt er aan vandaag een keer geen vlees te eten? Mag spiritualiteit zo concreet zijn?

Het is niet de bedoeling om in deze zaken fanatiek te zijn. Ik heb veel respect voor vegetariërs, maar zelf ben ik flexitariër (‘k eet zo min mogelijk vlees, maar ‘k pas me aan de omstandigheden aan, waar ik als zwerfreligieus terecht kom) en ik leen soms een auto, als ik bv. een stand niet aangesleept krijg.

Waarom vlees en de auto?
Beiden eisen ontzettend veel grond en water op. Vlees, bij de productie van veevoer. Om met de auto te kunnen rijden, is er een wereldwijd apparaat nodig aan (autosnel)wegen, tankstations, etc. Maar er is meer aan de hand. Van het (privé)vervoer weten we dat dit een groot aandeel heeft in onze ecologische voetafdruk; van de vleesconsumptie is dat minder geweten. Er zijn niet alleen de grote oppervlaktes aan land nodig of de enorme hoeveelheden aan water, er is ook nog het verschijnsel van de opwarming. Dé grote blinde vlek is hierbij de vleesconsumptie. De FAO (Food and Agriculture Organisation van de Verenigde Naties) erkent sinds november 2006 het probleem. De wereldwijde vleesconsumptie is verantwoordelijk voor 18 % van de globale opwarming. Hoe kan dat? Er is de CO2-uitstoot door ontbossing en teelt van veevoer, maar het lachgas uit de mest en de methaan van de herkauwers zijn veel venijniger. Methaan is 23 keer ‘effectiever’ voor het opwarmingseffect dan CO2; lachgas bijna 296 keer!
Een voorbeeld: Brazilië heeft 180 miljoen mensen, maar ook 180 miljoen runderen, vooral bestemd voor de vleesexport. Als je bedenkt dat de methaanuitstoot van één rund gelijk staat aan de CO-2 uitstoot van een kleine auto, dan blijkt de opwarming in dit geval vooral van op het platteland te komen.
De wereldbevolking is de laatste 50 jaar verdubbeld. De consumptie van dierlijke eiwitten (vlees en vis) vervijfvoudigd. De gevolgen zijn niet te overzien.

Soja!

Sinds 2003 leef ik deeltijds in Brazilië, deeltijds in Europa. Beiden hebben met elkaar te maken en worden met elkaar verbonden door de sojaboon. Jaarlijks komt er via onze Europese havens 37 miljoen ton soja binnen. Het merendeel is voor de omzetting naar dierlijke productie: kippen, varkens, runderen, zuivel, eieren, vissen (in de aquacultuur). Sinds een jaar is de nieuwe motor van de soja-expansie de dieselmotor. Het sojameel dient voor vlees- en visproductie, de olie wordt omgezet in biodiesel. Zo ontmoeten auto en vleesconsumptie elkaar in de wondere sojaboon. Met tragische gevolgen. Momenteel wordt bijvoorbeeld de noordelijke Braziliaanse deelstaat Maranhão in versneld tempo omgewoeld, omdat São Luis de dichtstbijzijnde haven bij Europa is. De Europeanen willen niet alleen meer goedkoop vlees, maar ook zogenaamde ‘groene’ energie. Vlees en auto ontmoeten elkaar in de sojaboon, op de immense soja-akkers van Maranhão. Eeuwenoude culturen worden er momenteel onder de voet gelopen.
Nochtans is soja een wondere plant, al 5000 jaar heilig bij de Chinezen. Hij kan perfect ingezet worden voor rechtstreekse consumptie voor de mens, zonder de inefficiënte omweg via het dier.
Laat ons dus maar met zijn allen wat vleesminderen en meewerken aan één van de grote uitdagingen van de 21ste eeuw: anders omgaan met onze eiwitten om onszelf en de wereldbevolking op een evenwichtige manier te voeden. Bovendien heeft dit vraagstuk alles te maken met andere urgente kwesties: hoe dragen we zorg voor het blauwe goud, het water? Hoe gaan we concreet de opwarming van de aarde te lijf?

Enkele oneliners als uitsmijter (uit de folder ‘Keizer hesp en koning auto’ van Wervel, Werkgroep voor een rechtvaardige en verantwoorde landbouw):

Wist u dat…

…er jaarlijks wereldwijd 735 miljard kg graan naar de wereldveestapel wordt gevoerd. Hiervoor heb je een goederentrein nodig die 6 keer de evenaar omspant. De graanteelt bedekt 3,9 miljard hectare ofwel 78 % van de beschikbare landbouwgrond, grasland inbegrepen. Dat is 40 % van de productie.

…om tot 1 kg vleeseiwit te komen, er 3 tot 15 kg plantaardig eiwit nodig is, afhankelijk van de diersoort, de hoeveelheid slachtafval en de omstandigheden (hoe groter het dier, hoe meer eiwit nodig is en hoe meer verloren gaat als afval).

…een normale akker die als grasland ongeveer 330 kg vlees produceert, ook 40.000 kg aardappelen kan produceren.

…België, naast de eigen grond, bijna dezelfde oppervlakte in het buitenland gebruikt voor de productie van het veevoer voor zijn veestapel.

… een Belg gemiddeld 88 kg (= karkasgewicht) vlees per jaar eet.

…voor 5,75 % biobrandstoffen in de transportsector, 19 % van de landbouwgrond in Europa nodig is, terwijl er maar 12% grond ongebruikt ligt (wat ten voordele is van de biodiversiteit)

…om de brandstoftank van één terreinwagen te vullen met biobrandstof, heb je 200 kg graan nodig, genoeg om iemand één jaar lang te voeden.

Luc Vankrunkelsven, norbertijn van Averbode en medewerker van Wervel.
Auteur van diverse boeken over deze problematiek. Laatste werk: ‘Dageraad over de akkers. Soja anders’, te verkrijgen bij Wervel in Brussel of bij Cefúria in Curitiba, Brazilië.

www.wervel.be , o.a. met de elektronische voedselkrant.
www.sojaconnectie.be
www.voedselvoetafdruk.be